Uitzicht over de haven van Valparaiso
Na enkele dagen eenzaamheid in één van de Nationale Parken van Chili ben ik beland in een van de grote havensteden van het land. De afwisseling is groot. Van een besneeuwde vulkaan naar een stad met een mediterraan klimaat, zon, mensen, auto’s, alles wat ik enkele weken in Patagonie niet heb ervaren.
Wanneer ik aankom met de bus ga ik op zoek naar een hostel, loop rond in de stad, zit een uur op een bankje in een park in de zon, vraag rond aan taxichauffeurs en bevind me uiteindelijk op Cerro Cordillera, een van de vele steile heuvels in deze stad. Hier vind ik een plekje om te blijven. De prijs is redelijk en de kamer groot. Het uitzicht over de stad en haven fantastisch en onderin het huis bevindt zich en Kafé waarin Andres, de eigenaar, zijn kunstvrienden en buurtbewoners ontmoet. De kelder hangt en staat vol met schilderijen, beschilderde paspoppen, foto’s, allerahande objecten, dichtbundels en een zangsetje voor optredens. Andres en Lorena huisvesten een aantal studenten in een negentiende-eeuws huis in een van de oude wijken van de stad en proberen daarnaast hun wijk leefbaar te houden. Deze week organiseren ze een buurtfestival op het pleintje voor de deur met exposities, optredens en gezamenlijke maaltijden. Op het moment van schrijven zijn er workshops voor kinderen en schalt de muziek uit de luidsprekers onder mijn raam boven het pleintje.
Enkele jaren geleden is het oude centrum van Valparaiso door Unesco op de Werelderfgoedlijst gezet. Gesticht door de Spanjaarden rond 1600 was Valparaiso (“Paradijselijke vallei”) eeuwenlang de belangrijkste havenstad aan de westkust van Zuid-Amerika. Het was voor de Kaap Hoorners de eerste stop na Buenos Aires. De stad verviel in armoede na de aanleg van het Panamakanaal en kent ook nu veel werkloosheid, rond de 20%. Veel geld voor renovatie van het centrum is er niet, maar voor mij maakt dat de sfeer. Steile trappen, oude houten huizen, klene pleintjes, schilderingen op de muren en overal honden. Maar liefst zes mensen vertellen me onafhankelijk van elkaar dat de wijk waar ik me bevind ‘s avonds niet veilig is.
De eerste dag loop ik rond door de stad, beklim de steile heuvels en geniet van het fantastische uitzicht over de stad en het water. Pablo Neruda, dichter en Nobelprijswinnaar, had hier een van zijn huizen, La Sebastiana. Ik ga ernaar op zoek, maar verdwaal in de steegjes, raak lang in gesprek met enkele Chileense mannen die op hun zondagmiddag langzaam dronken aan het worden zijn en zwerf wat doelloos rond. Via Couchsurfing, een website waarop mensen hun bank als gratis slaapplaats aanbieden, had ik geprobeerd om een plekje te regelen. Hannes, een Duitse uitwisselstudent die hier een jaar woont, reageerde, maar verhuist net dit weekend. Toch neem ik contact op en we spreken af. Hij is in het gezelschap van Jem, een Australische journalist die net een jaar heeft gewerkt in Jakarta, ook ontmoet via Couchsurfing. Met hen breng ik de volgende dagen veel tijd door. Volkomen toevallig woont Hannes net om de hoek van mijn hostel, hemelsbreed misschien 25 meter.
We gaan in de avonden uit, drinken witte wijn met sinaasappelsap (niet aan te raden) en ontmoeten de vrienden van Hannes. Valparaiso staat bekend als een bohemische stad met veel studenten. In de cafe’s waar we komen hangt een kunstenaarsfeer, met optredens van studenten van de theateracademie en types met gitaar die vervolgens met de pet rond gaan. Met Jem ga ik naar Isla Negra, 100 km ten zuiden van de stad, waar Pablo Neruda een van zijn andere huizen had. Dit huis is, zoals de andere, niet geplunderd door het leger na de coupe in 1973 en hangt vol met allerlei voorwerpen die de poëet verzamelde. Het uitzicht vanuit de slaapkamer over de oceaan is geweldig! Pablo Neruda was communist en consul voor Chili in verschillende landen in Azie en Europa. Ambassadeur voor Salvador Allende in Parijs ontvangt hij de Nobelprijs voor de literatuur in 1971. In 1973, 12 dagen na de coupe van Pinochet overlijdt Neruda, naar men zegt uit verdriet. Zijn graf kijkt uit over zee in de tuin van zijn huis in Isla Negra.
Isla Negra
Ik ontmoet meer kunstenaars. Om de hoek van het hostel is een museum waar een expositie is Carol Martinez, een abstract schilder. Hij geeft me een rondleiding en we bekijken zijn werk. Hij logeert met zijn vrouw bij Andres en Lorena en we komen elkaar in de keuken tegen. Zijn vrouw blijkt Duits te spreken en ze vertelt dat ze de eerste elf jaar van haar leven in Oost-Berlijn heeft gewoond. Haar vader was minister van binnenlandse zaken onder Allende en moest het land ontvluchten tijdens de coupe. Ik merk dat de Chilenen heel open spreken over hun verleden en huidige politiek. Ik vraag er meestal niet al te direct naar, maar men heeft een goed beeld van de positie van Chili in de rest van de wereld. Velen zijn ontevreden met de gang van zaken in het land, maar zijn ook lijdzaam. In Zuid-Amerika verwacht men niet al te veel van de politiek.
Zo heeft iedereen zijn of haar verhaal. Juan in de kamer naast me studeert voor kok en werkt in een restaurant. Lange dagen, maar hij is blij dat hij werk heeft. Nina uit Zweden, die al bijna twee jaar in Valparaiso woont en die ik ook in de keuken tegenkom vertelt me dat ze na een uitwisseling als student aan de kunstacademie is blijven hangen. Werk vinden is echter moeilijk en ze vertelt dat de mensen niet echt dol zijn op buitenlanders. Zelf merk ik dat ook, overal roepen mensen me “gringo!” na en willen ze geld van me... McDonalds heeft geen enkele vestiging in de stad omdat de ruiten telkens werden ingegooid. In de rijkere en mondainere zusterstad Viña del Mar, aan de andere kant van de baai, is de sfeer anders en vind je torenflats en winkelketens. Valparaiso is daarentegen in een neerwaartse spiraal terechtgekomen.
Nina verkoopt nu Zweedse chocoladeballetjes op straat, werk waarmee ze net voldoende geld verdient voor de huur. Ze twijfelt of ze haar terugvlucht naar Zweden, volgende maand, zal laten verlopen of niet. Terug naar het koude Europa, naar een anonieme buitenwijk van Stockholm, wil ze eigenlijk niet. Zittend in de zon aan de keukentafel op de veranda, uitkijkend over de stad, muziek van het pleintje op de achtergrond, ben ik het grondig met haar eens.