Vinvissen rond de boot!
Vijf dagen eerder: zodra we de Noorse scheren boven Tromso hebben verlaten zoeken we de N op het kompas en zeilen enkele dagen noord. De wind is vrij sterk en noordoostelijk zodat we zeeziek worden en niet al te snel vooruit komen. Na een dag is het ergste voorbij en kunnen we er weer van genieten. Het licht, dat nu echt 24 uur per dag om ons heen is blijft me verbazen, hoewel ik er al weken aan blootgesteld ben.
De langste dag nadert en dat betekent dat de zon niet meer dan 35 en minder dan 11 graden boven de horizon staat. Omdat een hogedruk gebied voor goed weer zorgt zien we continue de zon om ons heen draaien. Midden in de nacht om 12:00 UTC (als de zon boven de Greenwich meridiaan staat) schijnt ze ons in het gezicht en midden op de dag recht in de rug. Bij ons aan boord zijn drie ervaren astronavigatoren en met de sextant meten ze het een en ander na.
Ben leert ons de sextant
Na krap 3 dagen varen duikt Bereneiland op uit de laaghangende wolken en gooien we het anker uit bij Kaap Duner en varen naar land. De naam Bereneiland is door Willem Barentz gegeven ter herinnering aan een langdurig gevecht met een ijsbeer in juni 1596. Destijds zeilde hij met Heemskerck en De Rijp om de Noord op zoek naar een alternatieve doorgang naar Indie en China. Net als eerder in Straat Le Maire bevind ik me nu langs koude kusten die door Nederlanders werden ontdekt. Het verhaal van Willem Barentz, de overwintering op Nova Zembla en het verslag van Gerrit de Veer die minutieus bijhield waar men was en wat men meemaakte zijn wereldberoemd in poolkringen. Barentz is ook de naamgever van Spitsbergen en met zijn eigen naam aan de zee tussen Spitsbergen en Nova Zembla, al was dat postuum nadat hij op de terugweg vanuit Nova Zembla overleed.
Voet aan wal op Spitsbergen in de Hornsund
Bereneiland is zonnig als we aan land gaan. Bijzonder voor een eiland dat 25 dagen per maand in de mist ligt en we kunnen dus het gehele eiland overzien. Dat wil zeggen alle 15 bij 8 kilometers want erg groot is het niet. Het is niet waarschijnlijk dat we beren tegenkomen maar een van ons gaat gewapend met een geweer mee als we naar het meteorologische station wandelen tussen de vele meertjes die op de noordzijde van het eiland liggen. Uiteraard zien we geen enkele ijsbeer.
IJs in het water en op het land
Het station is geplaatst om weergegevens te verzamelen en door te sturen naar het vasteland. De meteorologische omstandigheden in arctische gebieden zijn van grote invloed op het weer in Europa en er zijn niet heel veel vaste meetpunten. Vroeger werden er ook radio-uitzendingen gedaan voor de scheepvaart maar het radiostation is nu definitief gestopt met uitzenden. In de cursus Marcom-A leerde ik nog dat in de buurt van Spitsbergen geen satellietcommunicatie mogelijk was met de geostationaire satellieten die ten behoeve van de scheepvaart boven de evenaar rondhangen. We bevinden ons eenvoudigweg te ver noordelijk om die satellieten nog te kunnen zien. Dat blijkt nu allemaal theorie want tot 78° 30' is Inmarsat in de praktijk nog te gebruiken. Gelukkig maar want onze lange en middengolf radio is uitgevallen en Navtex berichten komen ook niet meer door zodat we geen idee hebben van het weer in de wijde omgeving.
Met z'n drieen worden we vervolgens lid van de Naakt-baad-vereniging op Bereneiland en krijgen we een officieel diploma en badge. Om lid te worden moet je naakt in de zee onder water gaan en dat ten overstaan van tenminste een lid van het tegenovergestelde geslacht. Het water is 2,4 graden Celsius en de lucht -1,0 en we blijven er niet lang in maar bemachtigen wel het lidmaatschap. In de fjorden had ik al eerder gezwommen in koud water maar dit is toch wel erg koud! Mijn voeten veranderen in ijsklompen en ik voel mijn huid niet meer als ik me afdroog.
Twee dagen later zetten we voet aan wal op Spitsbergen in de Hornsund, een fjord in het zuiden. We varen langs de ijsgrens op zoek naar robben en beren. De eerste vinden we genoeg, van de tweede zien we slechts sporen in de sneeuw. Desalsniettemin erg indrukwekkend want de sporen zijn zo lang als mijn hand. Hoewel de kansen op ijsberen in dit gebied erg groot zijn moeten we toch anderhalve dag wachten tot we er een zien. We hadden net een wandeling gemaakt en waren aan het laatste stuk varen naar Longyearbyen begonnen toen ik 2 mijl weg op de kust een witte figuur ontdekte die erg on-rendierlijk liep. Rendieren zijn ook wit en in veel grotere aantallen aanwezig namelijk. Met volle kracht erop af en dichterbij gekomen leek het alwel zeker om een beer te gaan.
We hadden allemaal veel gelezen over ijsberen, foto's en films bekeken en in Artis de beren bekeken maar dat haalt het niet bij de ijsbeer in het wild. Het grootste landroofdier ter wereld is ook echt groot! Op zijn dooie akkertje liep de beer over rotsen en sneeuwvelden op zoek naar ganzeneieren. We kropen dichterbij met de boot naar de kust en de beer keek ons aan. Vanwege het ronde voorkomen van de kop is dat best een schattig gezicht: 3 zwarte rondjes in een wit pluizige bal en een nieuwsgierige blik in de ogen. Onverstoord leek hij (of zij?) verder te gaan met de maaltijd brandganzeneieren. Uiteraard een schitterende fotogelegenheid voor ons hoewel alleen een camera met flinke zoom echt goede foto's kan maken over deze afstand (50-70 meter).
De Anne-Margaretha in de Hornsund op Spitsbergen
Het geluk lachte ons toe want bij het invaren van Isfjord zagen we dezelfde dag ook onze eerste walrussen die beleefd afstand hielden tot de boot. Al met al een van de beste reizen die ik met de Anne-Margaretha maakt vanwege de verscheidenheid aan belevenissen en dieren die we zagen.
1 reacties:
Jullie schip is gezien! Waar twee beren doken naar en daarna genoten van ... een karkas: 1 juli 2011, rond vijf uur. Ik nam ook foto's van jullie, toen jullie daar naar keken en foto's maakten. Als je belangstelling hebt, kan ik ze later sturen.
Groet,
Wim (toen aan boord van de Antarctic Dream).
Contact voor foto's ? w.h.polet@gmail.com
P.S. wij verstoorden met al die Zodiacs jullie rust daar wel, ben ik bang - alsnog excuses!
Een reactie plaatsen